
Duurzaamheid is een essentiële factor bij het ontwikkelen van nieuwe massa-producten. Twee situaties zijn te onderscheiden: (i) vervanging van oude producten die wegens onduurzaamheid niet meer acceptabel zijn en (ii) innovatieve, nieuwe producten waarvoor geen “oud” equivalent bestaat.
Volgens mij zou bij een nieuw product altijd nog de eerste eis moeten zijn die van functionaliteit. Industriële vormgevers drukken graag hun stempel op hun nieuw vormen en uiterlijk gaat bij hen dan voor functionaliteit. Dat is niet zo erg als het ding het “wel doet”. Een ander mankement van vormgevers is het heilige geloof in techniek. Technici weten als geen ander dat techniek kan falen en ook regelmatig faalt. Indien allerlei technische snufjes worden gebruikt voor een nieuw product moet bij het ontwerp altijd expliciet rekening worden gehouden met het mogelijk falen van de techniek.
Mijn instituut is gevestigd in een nieuw gebouw. En, vinden velen – waaronder ondergetekende, in een mooi gebouw. Ergerniswekkend zijn echter al die nodeloze technische snufjes die regelmatig niet werken. Ik noem er één: een paar keer per dag moet ik in mijn kamer met mijn armen zwaaien om het licht weer aan te krijgen. De architect vond het nodig om een automatische detector aan te brengen die het licht aan en uit doet. Zeer duurzaam, dat wel.
Veiligheid
Een belangrijk aspect dat bij de verduurzaming van nieuwe ontwerpen over het hoofd wordt gezien, is de veiligheid. Je komt ze steeds vaker tegen: spaarlampen die automatisch aan- en uitgaan. In de meerderheid van de gevallen betekent dat dat die lampen te laat aangaan en er gevaar voor ongelukken ontstaat. Ik ben zo al eens in prikkeldraad gevallen. Dit soort technische snufjes is eerder duurder dan duurzamer voor de maatschappij.
Plastic tas
Een mooi voorbeeld van domme verduurzaming is de vervanging van de plastic tas. Een plastic tas is handig, maar het dragen ervan heeft geen status. Supermarkten in Nederland zitten daar niet mee, maar schoenen- en modezaken bijvoorbeeld wel. Daar zie je dat de plastic tas wordt vervangen door een bruine papieren tas. Met zo een tas wil je wel gezien worden. Het moet wel een stevige tas met een mooi handvat zijn, anders lijkt hij op zo een bruine zak waarmee je in Amerika alcoholisten op straat tegenkomt. Buiten Nederland zie je dat ook bij supermarkten de plastic tas het moet afleggen tegen de duurzame opvolger
Het milieu-effect van de vervanging van die plastic tas is verwaarloosbaar, maar daar gaat het niet om: het straalt een duurzame houding uit.
Helaas is die modieuze duurzame tas altijd verkeerd ontworpen. Het is een heel eenvoudig verhaal voor een bèta: druk is kracht (gewicht) gedeeld door oppervlak. Als je wilt dat een gevulde tas geen pijn doet aan je hand, moet je ervoor zorgen dat het oppervlak van het handvat groot is en over zijn geheel in contact komt met de hand. Zo krijg je een kleine druk op de hand De plastic tas voldoet hier prima aan. Maar nu de modieuze papieren vervanger. Daar wordt het handvat gevormd door, een mooi ogend, stukje touw. Het probleem met dit fraaie ontwerp is dat het contact-oppervlak van dat touw (stijve cilinder) met de hand wordt geminimaliseerd. De druk dus gemaximaliseerd. Met als gevolg dat de striemen in je handen staan als je je nieuwe schoenen draagt in zo’n fraaie papieren tas.
De foto, die bovenaan dit artikel prijkt is gemaakt in Bergerac in de Dordogne. Bij het Office de Tourisme had ik een paar kaarten gekocht en die werden mij aangereikt in een duurzame fraaie tas. Zelfs met het lichte gewicht van de kaarten, stonden de striemen op mijn handen. Snel naar de auto om van dat pijnlijke ding af te geraken. (klik op foto voor uitvergroting)
Duurzame vormgevers: u wordt bedankt.

